Zomerliefde | Hoofdstuk 30

by Tamara

Hij stapte opzij en liet me naar binnen komen, waarna hij de deur sloot. ‘Lexie, wat doe je hier?’ vroeg hij.

‘Het spijt me dat ik hier zomaar kom. Ik had niet moeten komen maar ik kan nergens anders naartoe.’

Ik voelde een traan over mijn wang glijden en hij sloeg zijn armen om me heen.

‘Lexie je bent doorweekt. Wil je even douchen om op te warmen?’ vroeg hij. Ik knikte en liep achter hem aan naar boven, waar hij me de badkamer wees. Hij zette de douche aan en liep snel naar zijn slaapkamer waar hij een stapeltje kleding vandaan haalde.

‘Gooi je kleding zo maar op de gang, dan doe ik het snel in de droger.’ zei hij, waarna hij de deur sloot.

Met moeite kreeg ik mijn doorweekte kleding uit en gooide het op de gang, waarna ik onder de hete douche stapte. Ik voelde hoe het warme water mijn lichaam weer opwarmde en merkte dat het rillen stopte. Toen ik me afgedroogd had, droogde ik me af met de grote zachte handdoek en daarna trok ik de kleren aan die Ralph had klaargelegd. Het waren een lange joggingbroek en een hoodie die me veel groot waren, maar ze waren tenminste warm en droog. Ik liep weer naar beneden, waar hij in de keuken stond.

‘Ik heb wat soep voor je gemaakt, het is niet bijzonder, want ik kan niet zo goed koken, maar het is wel warm.’ zei hij.

Ik knikte en nam de kom van hem aan. Terwijl we aan tafel zaten, gluurde ik voorzichtig naar hem en viel me op dat zijn neus nog helemaal paars was. ‘Komt dat door mijn vader?’ vroeg ik zachtjes.

Hij grinnikte en knikte. ‘Het is dat ik weet dat je vader chirurg is, anders had ik zo geloofd dat hij professioneel bokskampioen is.’

Ik voelde dat mijn gezicht rood werd.

‘Het spijt me, ik..’ Hij stond meteen op en knielde naast me.

‘Als hier iemand zijn excuses moet aanbieden ben ik het Lexie, jij niet. Jij hebt helemaal niets fout gedaan, ik ben hier de schuldige.’

Ik voelde een traan over mijn wang lopen en ik sloeg mijn armen om hem heen.

‘Het is gewoon zo ontzettend oneerlijk.’ snikte ik.

Hij aaide over mijn rug en knikte.

‘Ik weet het, ik zou ook willen dat het anders was, maar het is nou eenmaal zo. Ik ben een ouwe zak en jij bent een prachtige jonge vrouw, die me doet wensen dat ik tien jaar jonger zou zijn. Maar dat is helaas niet zo en ik kan er ook niets aan veranderen’

‘Je bent geen ouwe zak, je bent tweeëndertig.’

Hij liet me los en ging staan. ‘Dat klopt, maar dat is alsnog veel te oud voor jou. Ik denk dat als je vader zou weten dat je hier bent, dat hij me zou vermoorden.’

Ik zuchtte en liep met mijn lege kom naar het aanrecht. ‘Zijn mijn kleren al droog? Dan ga ik.’ Hij schudde zijn hoofd. ‘Nee, de droger is nog niet klaar, bovendien is het al bijna nacht en als jij nu naar buiten gaat, word je ziek en vermoordt je vader me omdat ik niet goed voor je gezorgd heb.’

Ik sloeg mijn armen over elkaar en keek hem boos aan.

‘Ik kan hier toch niet blijven slapen? Het is een beetje raar als we nu bij elkaar in bed gaan liggen.’

Hij lachte: ‘Nou ik heb een hele mooie logeerkamer, dus je kunt hier gerust slapen en dan hoef je niet bang te zijn dat er een vieze ouwe kerel aan je zit.’ Het kostte me de grootste moeite om niet te gaan lachen en zo te zien zag hij dat, want hij kwam bij me staan.

‘Zo heel erg vond ik het anders niet hoor, dat die ouwe kerel aan me zat.’

Hij duwde me zachtjes tegen het aanrecht en keek diep in mijn ogen.

‘Oh is dat zo? Dus je vind het niet zo erg dat ik dit doe?’

Hij bracht zijn gezicht naar mijn hals en kuste me daar zachtjes. Het was genoeg om mijn hele lichaam in vuur en vlam te zetten en er ontsnapte een  zachte kreun uit mijn mond. Hij tilde me op het aanrecht en zoende me. Ik wilde hem, ik wilde niets liever dan verder met hem gaan. Maar een gepiep naast ons zorgde ervoor dat hij stopte.

‘De droger is klaar.’ zei hij.

Ik zag dat het hem de grootste moeite kostte om zich in te houden en dat was voor mij hetzelfde. Het was alsof de korte onderbreking ons weer met beide voeten op de grond had gezet en ons deed beseffen dat we deze fout niet weer moesten maken.

De droger piepte nogmaals en hij gaf me mijn droge kleding en ondergoed aan.

‘Wil je dat ik je naar huis breng? Ik ga dan gewoon meteen weer weg zodat je niets hoeft uit te leggen.’

Ik dacht aan mijn ouders, hoe boos ik op ze was en hoe boos ze op mij zouden zijn dat ik gewoon weg was gegaan. Niet dat mijn boosheid onterecht was, hoe konden ze nou achter mijn rug om de huur van ons appartement opzeggen en verwachten dat ik weer thuis kwam wonen. Ik was toch zeker geen klein kind meer?

Ik schudde mijn hoofd:

‘Nee, mag ik alsjeblieft vannacht hier blijven? Ik beloof dat ik morgen weer weg zal gaan.’

Hij knikte en gaf me een knuffel, waarna we samen op de bank gingen zitten. ‘Waarom ben jij eigenlijk thuis op Kerstavond? Heb je geen familie om naartoe te gaan?’

Hij schudde zijn hoofd:

‘Nee, mijn ouders hebben gehoord wat er gebeurd is tussen ons en zijn behoorlijk kwaad op me. De rest van de plannen die ik had heb ik afgezegd omdat ik moet inpakken.’

Niet begrijpend keek ik hem aan, waarna ik om me heen keek. Hoe had ik dit nou kunnen missen? Overal stonden verhuisdozen opgestapeld en het was duidelijk waar die voor waren.

‘Ga je weg? Maar waar ga je naartoe dan?’ stamelde ik.

Hij zuchtte: ‘Ik heb een baan gevonden aan de andere kant van het land als wiskunde leraar op een middelbare school. Iets heel anders dan ik nu doe, maar wel heel erg leuk.’

Ik pakte zijn handen en voelde mijn stem trillen.

‘Maar ga je echt weg? Waarom blijf je niet gewoon? Als je helemaal daar woont dan zie ik je nooit meer.’

Hij knikte: ‘Ja Lexie, dat klopt. Na wat er gebeurd is heb ik geluk dat ik überhaupt nog ergens aan de slag kan. Ik vind het ook moeilijk, maar ik denk dat het de beste keuze voor ons beide is. Op deze manier kun jij gewoon je school afmaken en een leven opbouwen.’

Ik trok mijn handen los en stond op.

‘Maar dat wil ik helemaal niet. Waarom maakt iedereen toch beslissingen voor mij? Waarom denkt iedereen zo goed te weten wat goed voor mij is?’

Hij stond op en sloeg zijn armen om me heen, terwijl ik in huilen uitbarstte. ‘Ik weet het Lexie, als het anders kon had ik het gedaan. Maar ik kan gewoon niet meer je leraar zijn na wat er gebeurd is en ik heb met je vader afgesproken dat ik weg zou gaan. Dat was de enige voorwaarde waaronder hij geen aangifte zou doen.’

Hij aaide over mijn haar, net zolang tot ik weer rustig was en daarna gingen we naar bed. We deden niets, behalve tegen elkaar aan liggen en praten. Allebei zagen we op tegen het moment dat de zon zou opkomen, want dat was het moment dat we afscheid zouden moeten nemen. En deze keer voor altijd.

Meteen verder lezen? Je koopt de hele reeks hier!

Misschien vind je dit ook leuk

Ik zou het leuk vinden als je een reactie achterlaat!

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.