Zomerkind | Hoofdstuk 30

by Tamara

Het bleef een tijdje stil tussen ons. ‘Florine? Is dat de baby van Joost? Hadden jullie een relatie voor hij vertrok? Jij bent de enige naar wie hij vraagt en dit zou echt enorm veel verklaren.’ Ik raapte mezelf bij elkaar en knikte: ‘Ja, we hadden een relatie. Het duurde maar twee weken, omdat hij daarna vertrok en tijdens de eerste weken daar hebben we ruzie gekregen. Dus we hadden geen contact meer.’ Ze pakte een pakje zakdoekjes uit haar tas en gaf mij er eentje. ‘En de baby? Is de baby van Joost?’ Mijn hart ging als een gek tekeer en ik kreeg het ontzettend warm. ‘Ik heb even lucht nodig.’ stamelde ik en ik liep naar het raam, die ik open zette. De frisse lucht deed me goed, al bleef mijn hart keihard kloppen. Ze kwam naast me staan: ‘Florine, vertel me het alsjeblieft, is de baby van Joost? Hij heeft me nooit over jou of de baby verteld, terwijl we elkaar alles vertellen. Ik wil gewoon heel erg graag weten of dit zijn kindje is.’ Ik zuchtte en knikte. ‘Ja, het is zijn baby.’ Ze sloeg een hand voor haar mond: ‘Maar waarom heeft hij niets aan me verteld? Zoiets groots als een kind, ik snap het niet!’ Ik draaide me om en ik keek naar haar. ‘Hij heeft het niet verteld, want hij weet het niet. Hij weet niet dat ik zwanger ben.’ Ineens betrok haar gezicht: ‘Je bent zwanger, maar je hebt het niet aan hem verteld? Wil je je kind zijn of haar vader ontnemen?’ Ik schrok van haar woede en schudde mijn hoofd. ‘Nee zo zit het niet. We hebben voor hij wegging een discussie gehad. Ik vertelde dat ik al eens een kindje had verloren en hij vertelde dat hij nooit maar dan ook nooit kinderen wilde. Net toen hij weg was kwam ik erachter dat ik zwanger was, maar toen ik het hem wilde vertellen kregen we ruzie en vertelde hij dat ik maar iemand anders moest gaan zoeken omdat hij absoluut nooit vader wilde worden. Ik was bang dat hij zou willen dat ik het weg zou laten halen, terwijl ik maar heel erg weinig kans heb om überhaupt een kind te krijgen. Ik weet dat het fout was, maar ik kon niet anders.’ Ze plofte op de bank en wreef met haar handen over haar gezicht. ‘Joost, je bent echt een eikel.’ zuchtte ze, waarna ze zich weer tot mij wendde. ‘Joost probeerde zichzelf te beschermen door dat te zeggen. Onze moeder is overleden tijdens de zwangerschap van onze jongste zus en ik ben bijna overleden tijdens de bevalling van mijn oudste kind. Hij was in het ziekenhuis aan het assisteren tijdens zijn opleiding, toen ik ineens binnengereden werd, omdat ze de placenta niet los kregen en ik veel te veel bloed verloor. Hij heeft mijn leven gered, maar hij heeft ook met eigen ogen gezien dat ik het bijna niet overleefd had. Hij had altijd een enorme kinderwens en hij is dol op kinderen. Maar hij wilde nooit meer iemand waarvan hij houdt verliezen tijdens een bevalling.’

Ik schudde mijn hoofd. ‘Ik ben echt een trut. Ik heb hem dit allemaal ontnomen, de hele zwangerschap, alle echo’s. Allemaal omdat ik dacht dat hij het echt niet wilde.’ Ze stond op en kwam naar me toe. ‘Nee joh, ben je gek. Hij maakte zichzelf wijs dat hij het niet wilde en nam zichzelf in bescherming door jou af te stoten. Bovendien, het is nog niet te laat. Je bent nog wel even zwanger en hij leeft nog. Wat zeg je ervan? Ga je mee naar mijn broer? Vertellen dat hij vader wordt?’

Meteen verder lezen? Je leest dit boek en alle vervolgen hier.

Misschien vind je dit ook leuk

2 comments

Nancy 24 april 2019 - 13:04

Wat een spanning weer

Reply
Anoniem 24 april 2019 - 09:49

Spannend!

Reply

Ik zou het leuk vinden als je een reactie achterlaat!

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.