Voor eeuwig en altijd. Hoofdstuk 22.

by Tamara

 

Die daaropvolgende week richtte ik me heel erg op mijn herstel. Kate had me over haar plan verteld en het was werkelijk briljant! Het was dé ideale manier om wraak te nemen op dat verschrikkelijke mens. Gek genoeg kwam Joris die week niet vaak langs, hij kwam wel, maar steeds als hij kwam was hij heel erg afwezig en zag hij er ontzettend moe uit. Ik probeerde een paar keer mijn kant van het verhaal te vertellen, maar het leek alsof hij daar geen behoefte aan had, want hij wuifde het steeds weg. Hoewel ik steeds heel erg uit keek naar zijn bezoekjes, was ik daarna steeds heel erg verdrietig. Waarom geloofde hij me nou niet? Waarom wilde hij mijn kant van het verhaal nou niet horen?

Op woensdagmiddag kwam hij weer binnenlopen en besloot ik het hem gewoon meteen te vragen. ‘Joris, waarom luister je niet naar me? Waarom geloof je niet dat zij verantwoordelijk is voor de brand en dat ze me daar achter heeft gelaten in plaats van dat ze me gered heeft.’ Ik zag hem met zijn ogen rollen en zag dat hij geïrriteerd was. ‘Jeetje Isa, begin er toch niet elke keer over. De hele situatie is al erg genoeg.’ Die uitspraak schoot bij mij in het verkeerde keelgat. ‘De situatie? Volgens mij ben ik degene die hier al bijna twee weken in het ziekenhuis ligt omdat jouw gestoorde ex je huis in de brand heeft gestoken met mij erin.’ Meteen zag ik aan hem dat hij boos werd. ‘Dat is jouw kant van het verhaal Isa! Bovendien kun je ook even stoppen met alleen aan jezelf te denken. Ik ben alles kwijt. Ik kwam thuis en zag Maribel helemaal hysterisch naar me toe rennen dat mijn huis was afgebrand en dat ze jou aan het beademen waren in de ambulance. Ik ben echt heel erg dankbaar dat je nog leeft en dat had zo anders kunnen zijn als zij niet de brandweer had gebeld. Ik heb werkelijk niets meer. Nog geen boxershort. Alles is weg omdat jij zo dom was om al die kaarsen aan te steken. Maribel heeft misschien wel gelijk. Misschien ben je wel gewoon te jong en te onnadenkend voor mij’ Mijn mond viel open van verbazing. Was hij nu serieus boos op mij? Gaf hij nou serieus haar gelijk? ‘Ik heb liever dat je weggaat.’ was het enige dat ik uit kon brengen. ‘Toe Isa, we komen hier wel overheen, je moet het ook van mijn kant begrijpen. Ik heb helemaal niets meer. Ik slaap bij Maribel op de bank en zij heeft nieuwe kleding voor me moeten kopen omdat al mijn kleding verbrand was.’ ‘Je slaapt ook nog bij haar? Jeetje, ze heeft nu wel echt helemaal haar zin he? Wat is de volgende stap? Dat je bij haar in bed slaapt en met haar neukt?’ Ik zag dat hij verbaasd was door mijn uitbarsting en het liefste had ik dat hij ook gewoon boos op mij zou worden. Dat hij zou schreeuwen en dat hij alles eruit zou gooien zodat we erover konden praten. Maar in plaats daarvan stond hij op en trok hij zijn jas weer aan. ‘Ik denk dat we het maar even moeten laten rusten. Als jij uit het ziekenhuis bent praten we er wel weer over.’ Hij wilde me een kus geven maar ik wendde mijn hoofd af. Stiekem hoopte ik dat hij nog wat zou zeggen, maar ik hoorde alleen voetstappen en een deur die achter hem dicht viel. Ik keek uit het raam naar buiten. Het regende keihard en de regendruppels spatten tegen het raam. Al snel zag ik hem over de parkeerplaats lopen. Zijn schouders hingen en het leek alsof hij aan het huilen was. Ik zag zijn auto staan in de verte, maar hij liep naar een vrouw toe die onder een paraplu aan het schuilen was. Zelfs van verre kon ik direct zien wie het was. Die lange benen en dat zwarte haar herkende ik al van verre. Ze zeiden een paar woorden tegen elkaar en ineens begonnen zijn schouders te schokken waarna zij hem in haar armen nam.

Ik werd spontaan misselijk van de aanblik van hun twee, daar zo in de regen. Toen Kate was geweest leek het allemaal zo duidelijk, ik moest herstellen, we zouden ons plan uitvoeren en daarna zou Joris gewoon weer bij mij terugkomen. Maar bij de aanblik van Joris die getroost werd door Maribel zakte de moed me in de schoenen. Wat moest ik nou beginnen tegen zo iemand? Ik had alle schijn tegen en het voelde alsof ik hem eigenlijk al kwijt was. Een traan liep over mijn wang en al snel rolden de tranen even hard over mijn wangen als de regendruppels over het raam. Na wat een eeuwigheid leek liet ze hem eindelijk los en pakte ze zijn hand. Samen liepen ze naar de auto toe waar ze naast hem instapte. Ik keek toen ik de auto niet meer zag en liet mezelf weer in de kussens zakken. Hoewel ik zo graag zou willen dat het anders was, vertelde mijn hart me de waarheid. Ik was hem al bijna kwijt en ik zou heel hard moeten vechten om hem terug te krijgen.

Ik had nog een week nodig om te herstellen voordat ik ontslagen werd uit het ziekenhuis. Ik kon bij Kate logeren en was haar dankbaar dat ik met mijn verdriet bij haar terecht kon. Joris stuurde af en toe wel eens een berichtje met de vraag hoe het ging, maar ik negeerde hem. Ik werd gek van de gedachte dat hij nog steeds bij haar sliep en werd nog steeds misselijk als ik terug dacht aan hun lange omhelzing op de parkeerplaats.

De wonden op mijn lichaam herstelden sneller dan de wonden op mijn hart en al snel was ik sterk genoeg om even naar buiten te gaan en een stukje te lopen. Vastberaden kleedde ik me die morgen aan. Jurkjes waren nog geen optie, maar een broek en een leuke blouse gelukkig wel. Ik keek in de spiegel waar ik make-up op deed en de laatste littekentjes van de brandplekjes zo goed mogelijk camoufleerde. Tevreden keek ik in de spiegel en toen ik ook mijn schoenen had aangetrokken voelde ik me voor het eerst in weken weer een beetje mezelf. Liam grijnsde toen hij me beneden zag komen. Hij zat aan de ontbijttafel Jasmijn één of ander drapje te voeren en wees naar een mok met koffie die al klaar stond op het aanrecht. ‘Zo zo, grote plannen? Ga je die vent van je weer terug winnen?’ Ik lachte en knikte. ‘Ik hoop het!’ Ik dronk snel mijn koffie op en liep naar buiten. Ja, ik ging Joris proberen terug te winnen, maar daarvoor moest ik eerst mijn plan uitvoeren en daarvoor had ik hulp nodig van een oude bekende.

Ik liep een stukje tot ik bij het appartementencomplex aankwam en nadat ik mezelf drie keer voor gek had verklaard, stapte ik de lift in naar boven. Ik was hier in geen tijden geweest en moest even zoeken naar het juiste nummer. Al snel vond ik hem en terwijl mijn hart in mijn keel klopte drukte ik op de bel. Ik hoorde niets en even twijfelde ik om weg te lopen, maar net voordat ik me om wilde draaien, hoorde ik de deur van het slot gaan. De deur ging tergend langzaam open en een vreemde geur kwam me tegemoet.

Ik staarde naar de persoon in de deuropening en twijfelde een paar seconden of hij het wel echt was. Totdat hij zijn lichtgroene ogen ineens naar me opsloeg en er geen twijfel meer mogelijk was. ‘Hoi Isa.’ zei hij met schorre stem.

‘Hoi Luke.

Dit verhaal is deel van een triologie. Je koopt alledrie de boeken hier!

Misschien vind je dit ook leuk

Ik zou het leuk vinden als je een reactie achterlaat!

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.