De laatste zomer samen | hoofdstuk 25.

by Tamara

‘Piep, piep, piep, piep.’ Ik wist niet zo goed waar ik was, maar ik hoorde een zacht gepiep en voelde dat ik op een bed lag, dus ik ging ervan uit dat ik in het ziekenhuis lag. Ik opende mijn ogen en knipperde een paar keer, maar afgezien van het licht van de monitor naast me en het licht dat door de kier van de deur scheen, was het donker in de kamer. Ik herinnerde me vaag wat er gebeurd was, maar het waren flarden en ik kon niet helemaal helder nadenken. Ik voelde iets zwaars op mijn benen en toen ik een zacht gesnurk hoorde, had ik al een vermoeden wie het zou kunnen zijn. Ik tilde mijn benen op en met een noodgang kwam Joost overeind. ‘Je bent wakker!’ zei hij en hij sprong meteen overeind om me een kus te geven. Zijn baard kriebelde en ik vroeg me meteen af hoe lang ik hier al lag, aangezien Joost nooit zonder zich te scheren de deur uit ging. ‘Liefje hoe voel je je?’ vroeg hij. Hij reikte naar het paneel achter me en drukte een knopte in, waarna er wat lampjes aan gingen. ‘Wel oké denk ik. Mijn arm doet pijn.’ Hij pakte een formulier van mijn nachtkastje en las wat erop stond. ‘Je mag zo wel weer wat pijnstillers denk ik, het is al een tijdje geleden.’ Ik gniffelde: ‘Oké dokter Joost.’ Hij rolde met zijn ogen en zuchtte: ‘Ik ben geen dokter.’ Hij kreeg een grijns op zijn gezicht en kuste me nog een keer. Deze keer iets langer. ‘Verdorie Flo, heb je enig idee hoe ongerust ik was? Wil je zoiets nooit meer doen? Ik werd helemaal gek van de zorgen.’ Ik haalde mijn schouders op: ‘Ik denk ook niet dat ik zoiets snel nog een keer zal doen. Zoiets doe je maar één keer in je leven.’ Hij sloeg zijn armen over elkaar. ‘Dit is niet het moment om bijdehand te gaan doen troela! Je had wel dood kunnen zijn. Wat had Lexie zonder je gemoeten? Of ik? Je bent een onmogelijke, hopeloos eigenwijze vrouw, maar ik wil nog lang niet zonder je!’ Ik probeerde een beetje overeind te komen en lachte. ‘Ik hou van je.’ Hij kwam bij me op bed zitten en gaf me een kus op mijn voorhoofd. ‘Ik hou ook van jou.’

Hij liep even weg om iets te drinken voor me te halen en ik wilde hem vragen hoe het met Samuel ging als hij terug zou komen, maar voordat hij terug was, was ik alweer in slaap gevallen. De volgende ochtend werd ik weer wakker, net op het moment dat de verpleegkundige pijnstillers kwam brengen. Ik hoorde Joost buiten mijn kamer met iemand praten en hoewel ik de stem vaag herkende, kon ik niet zien wie het was. ‘Laat me nou gewoon mijn excuses aanbieden. Ik voel me ontzettend schuldig over wat er gebeurd is en het is allemaal mijn schuld. Alsjeblieft?’ Ik zag hoe Joost zijn hoofd schudde: ‘Het is inderdaad allemaal jouw schuld. Ik had haar kwijt kunnen raken door jouw stommiteiten en je hebt haar al genoeg pijn gedaan. Laat haar gewoon met rust.’ Ik kwam een beetje overeind en riep Joost zijn naam. Meteen kwam hij naar me toe: ‘He liefje, gaat het een beetje? Hoe voel je je?’ Ik haalde mijn schouders op. ‘Joost, het is oké, laat hem maar binnen.’ Hij trok een wenkbrauw op en schudde zijn hoofd. ‘Nee Flo, ik had je kwijt kunnen raken. Alleen maar omdat hij zo’n lamlul is geweest tegen dat meisje.’ Ik knikte: ‘Klopt, maar als hij iets te zeggen heeft, dan wil ik dat graag horen.’ Joost zuchtte en ik zag achter hem de deur open gaan, waarna Thomas naar binnen liep. Hij had een enorme bos bloemen bij zich en keek ontzettend verdrietig. Sinds de laatste keer dat ik hem had gezien zag hij er een stuk beter uit. Hij droeg schone kleren, was naar de kapper geweest en hoewel hij nog wel een baard had, was hij wel een stuk korter en wat verzorgder dan vorige keer. Hij rook niet meer naar alcohol en leek ietsje meer op de Thomas die ik van vroeger kende. Hij legde de bloemen op een stoel en liep naar me toe. ‘Oh Florine het spijt me verschrikkelijk. Ik had het moeten weten van Sandra. Ik vind het zo erg wat ze je heeft aangedaan.’ Joost wilde zijn mond open doen, maar ik kon hem tegenhouden. Ik had geen zin in een gevecht hier. ‘Joost, kun je heel even buiten wachten liefje?’ vroeg ik. ‘Wat? Hmppf, oké dan. Maar hou het kort jij.’ zei hij tegen Thomas.

Thomas wilde op het bed gaan zitten, maar ik wees hem de stoel aan die naast het bed stond. ‘Je moet niet je excuses aan mij aanbieden, maar aan Sandra. Het is verschrikkelijk wat je dat meisje hebt aangedaan. Hoe kon je Thomas? Ze hield van je.’ Hij knikte en keek naar zijn handen. ‘Ik weet het, ik ben een paar keer bij haar in de inrichting geweest, om het goed te maken, maar ze hadden haar daar zo volgespoten met medicijnen om haar rustig te houden dat ze me niet eens herkende. Ik had nooit iets met haar moeten beginnen en ik voel me daar vreselijk over, maar ik kan het niet terugdraaien.’ Hij probeerde mijn hand te pakken, maar ik trok hem weg. ‘Ik vergeef het je Thomas. Echt, ik vergeef je alles wat je mij aan gedaan hebt en wat er nu net gebeurd is, maar echt.. Zorg dat je weer iets van je leven maakt. Zorg dat je weer werk krijgt, dat je je leven op de rit krijgt en dat je een veilige plek krijgt om te wonen. Je hebt een zoon en ik vind je een waardeloze man, maar je zoon is een geweldig ventje. Hij is lief, slim en hij lijkt als twee druppels water op je. Als er ook maar iets is dat het waard is om je leven weer op orde te krijgen, dan is hij het wel.’ Hij keek me verbaasd aan en knikte. ‘Maar Danielle wil niet dat ik contact met hem zoek, dat weet ik zeker.’ Ik haalde mijn schouders op. ‘Danielle wil het beste voor haar zoon en als jij zorgt dat jij dat bent, dan weet ik zeker dat ze je nog een kans wil geven.’ Hij glimlachte: ‘Oké, dankjewel Florine. Ik ga mijn best doen.’ Hij boog zich naar me toe en gaf me een kus op mijn wang. ‘Het spijt me echt heel erg Florine. Ik had je nooit moeten laten gaan. Ik was een lul en ik zie dat nu pas echt in.’ Joost kwam de kamer weer ingelopen en hij sloeg zijn armen over elkaar heen. ‘Ja, lang genoeg gekletst, wegwezen nu.’ Thomas stond op en zwaaide naar me. ‘Je hebt geluk met zo’n vrouw, wees er maar zuinig op.’ zei hij tegen Joost. Joost keek hem kwaad aan, waarna Thomas de kamer uitliep.

‘Was je nou serieus jaloers?’ grinnikte ik. Hij kwam op het bed zitten : ‘Ja hallo, het is wel je ex hoor. Het mag dan een zakkenwasser zijn, maar je hebt wel ooit van hem gehouden.’ Ik lachte en haakte mijn vingers achter de kraag van zijn overhemd, waarna ik hem naar me toe trok. ‘Ja, maar ik hou nu van jou.’ ‘Ohja?’ zei hij zachtjes, terwijl zijn gezicht heel dichtbij het mijne was. Ik kuste hem zachtjes en knikte: ‘Ja, heel erg veel.’

Misschien vind je dit ook leuk

Ik zou het leuk vinden als je een reactie achterlaat!

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.